Review: Het Nieuwe Werken aan je pensioen

Het Nieuwe Werken aan je pensioen
Het Nieuwe Werken aan je pensioen by Sjaak Zonneveld

My rating: 4 of 5 stars

Hoewel ik zelf meer van pensioen dan van reisverhalen houd, is dit boek een goede mix van beide. Helder en grappig beschrijft hij zijn reizen (“Van Botswana wist ik eigenlijk niets anders dan dat mijn zus daar wel eens was geweest – informatie waar je niet heel veel mee kunt.”) en noemt interessante (pensioen)feitjes (lijstje hieronder). En passant contrasteert hij verschillende pensioensystemen met elkaar, waardoor je beter inzicht krijgt in pensioen en ook in mogelijke verbeteringen.

“Reizen staat in dit boek symbool voor meer van je vrijheid en het leven genieten. Reizen was voor mij de manier om ‘aan mijn pensioen te werken'”

Kortom, duidelijk boek over een belangrijk onderwerp (pensioen) met duidelijke beleidsaanbevelingen, zowel voor het hele stelsel als voor individu (leef vandaag, stel de juiste prioriteiten, Carpe diem!).

[Disclaimer: Sjaak Zonneveld heeft me dit eboek gegeven]
[Twitter volgtip: @sjakiez]

Interessante factoids
* Nederland is – samen met Liechtenstein – het enige land in Europa waar de werkgever niet wettelijk verplicht is tot bijstorten bij een te lage dekkingsgraad”
* Australië behoort tot de meest vervuilende landen, heeft klimaatverdrag van Kyoto ook niet ondertekend”
* De huizenprijzen in Tokio bedragen nog geen 10 (!) procent van de recordprijzen uit 1989.
* In Australië is juist de hypotheekrente op het tweede huis aftrekbaar, maar niet van het eerste.
* In Nederland groeide de bevolking sneller dan in de andere Europese landen. Nederland telde 5 miljoen inwoners in 1900, 10 miljoen in 1950 en 16 miljoen in 2000. Ter vergelijking: de Belgische bevolking was in 1900 met 7 miljoen nog bijna anderhalf keer zo groot als die van Nederland en honderd jaar later met 10 miljoen inwoners ruim een derde kleiner dan die van ons land. Vanaf 1910 gemeten is in geen enkel land van de EU de bevolking zo snel gegroeid als in Nederland.

Citaten over Nederlands pensioenstelsel
Gerrit Zalm heeft ooit de uitspraak gedaan: ‘Het beheren van een pensioenfonds is helemaal niet moeilijk, je moet zorgen dat je met z’n vieren bent, dan kun je klaverjassen.

Hoogleraar risicomanagement Theo Kocken heeft eens gezegd dat ‘pensioenfondsen niet onverwacht in de problemen zijn geraakt, maar er per toeval decennialang uit zijn weggebleven’.

In zijn boek De pensioenmythe vat Martin Pikaart de rol van de pensioenfondsen in één zin mooi samen: ‘Er is te veel beloofd, te weinig betaald en er zijn onverantwoorde risico’s genomen.’

Wat er aan huidig stelsel schort
Maar in ons pensioenstelsel is geen sprake van sterkeren die voor zwakkeren betalen. Hier betekent solidariteit simpelweg dat de ene groep meer moet betalen dan de andere groep. Solidair-zijn klinkt heel positief, maar met de solidariteit van ons pensioenstelsel heb ik om deze reden toch wel wat moeite, als je moet betalen voor mensen die het niet noodzakelijkerwijze slechter hebben dan jij.

Voor dat lagere pensioen moeten twintigers van nu naar verwachting maar liefst tien (!) jaar langer doorwerken dan hun (groot)ouders. Jongeren van nu moeten naar verwachting tot hun 71ste doorwerken. Ouderen gebruiken nog wel eens het tegenargument dat zij al op hun 17de begonnen met werken. Dat is misschien waar, ze begonnen echt pas op hun 25ste pensioenpremies te betalen. Inmiddels beginnen werknemers al op hun 21ste – of zelfs nog eerder, bij Pensioenfonds Zorg en welzijn al vanaf 15 jaar – met inleggen.

Maar niet alleen is ons pensioenstelsel zijn doel voorbijgestreefd. Het is ook oneerlijk, star en paternalistisch [WZ: ik vind paternalisme op zich niet erg, en ook Zonneveld ziet er soms de noodzaak wel van in, zoals hij over spaardiscipline en Nieuw Zeeland schrijft (zie bij Nieuw stelsel)]. Bovendien is het ‘procyclisch’. In economisch slechte tijden moeten pensioenen gekort worden en stijgen de premies. Daardoor komt er minder geld in onze economie en gaat het economisch nog minder. Andersom zijn er premieverlagingen (en zelfs premievakanties) in economisch gunstige tijden waardoor we meer te besteden hebben.

We moeten dan ook af van de gedwongen solidariteit en collectiviteit in ons pensioenstelsel. Door de gedwongen solidariteit en gedwongen collectiviteit betaalt iemand ofwel te veel, ofwel te weinig voor zijn pensioen, maar nooit zal hij later toevallig precies het bedrag ontvangen waar hij recht op heeft gezien zijn inleg. En daarom is het stelsel oneerlijk by design.

De ouderen menen dat ze recht hebben op een levenslang pensioen ter hoogte van een bepaald percentage van hun loon, omdat de overheid en de pensioenfondsen jarenlang iedereen in de waan hebben gelaten dat het pensioen een zekerheid was, een recht. Het is dus logisch dat ouderen in het geweer komen.

Feit blijft dat aan het conflict een stelsel ten grondslag ligt dat oneerlijk is by design. Een stelsel dat gunstig is voor de ene generatie en ongunstig voor de andere.

Een nieuw stelsel
Ook landen waar sparen niet verplicht is, zoals Nieuw-Zeeland – waar de overheid je zelfs een startbonus geeft – tonen aan dat weinig mensen spaardiscipline hebben. Daarom moet het verplicht blijven om een percentage van het inkomen te reserveren voor pensioen. Maar dat verplichte deel zou, ten opzichte van nu, wel flink verlaagd mogen worden. Waarom moeten we verplicht sparen voor een pensioen van meer dan een modaal inkomen? Waarom zou iemand niet mogen beslissen dat een modaal pensioen wel genoeg is?

Een individueel systeem is gewoonweg het eerlijkst. Daarmee hoeft er geen discussie meer te zijn of de jongeren of de ouderen bevoordeeld of benadeeld worden, en hiermee vervalt de grondslag van het generatieconflict.

Denemarken en Australië, die met Nederland in de top-3 van de pensioenhitparade van Mercer staan, hebben beide een stelsel gebaseerd op individueel DC. Interessant is dat beide landen in het verleden, net als Nederland, ook overwegend DB-landen waren. Beide hebben succesvol de transitie naar DC gemaakt.

China
In China zit het oplichten zo in de cultuur dat men het zelf nauwelijks als iets kwalijks ziet.
Deze cultuur van liegen en bedriegen maakt het leven in China vermoeiend.De Chinese cultuur daarentegen draait op wantrouwen. Een Chinees is gewend op voorhand niets of niemand te vertrouwen. In China is vertrouwen naïef en controleren noodzaak. De geldende mores is niet of je iets kunt maken, maar of je ergens mee weg kunt komen.

View all my reviews

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s